C. van Eesteren, architect-stedebouwkundige
Het Nederlands Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw, 1925-1933




1. Afsluitdijk, twee dagen voor de sluiting, 20 november 1931

De louter technische onderneming, waarvan de bouw van de dertig kilometer lange Afsluitdijk het begin vormde, zou zich in de loop der jaren tot een veel complexere aangelegenheid ontwikkelen dan de ingenieurs ooit hadden gedacht. Naast de ontginning en de exploitatie van de gewonnen gronden werd in toenemende mate aandacht gevraagd voor de leefomstandigheden van de kolonisten, voor hun huisvesting, voor natuurruimte in de lege, barre ruimte van de polders en voor het polderlandschap in het algemeen. Doordat, aldus de strekking van dit pamflet, hier niet de problemen spelen die het vraagstuk van de ruimtelijke ordening in de grote steden zo taai en weerbarstig maken, zijn de polders juist zo geschikt voor een experiment met wat toen 'gewestelijke planning' genoemd werd: 'Here the townplanners (...) could set to work on the untrodden, untouched soil, holding out every possibility and offering an opportunity for the most beautiful visions to be realised.' Dat deze voorstelling van zaken veel te optimistisch [bleek], zou enkele maanden later blijken.

2. De twaalfde provincie, pamflet stedebouwcongres 1924





Deel IV, Het landschap van de IJsselmeerpolders - Planning, inrichting en vormgeving

Inleiding
Het Nederlands Instituut voor Volkshuisvesting en Stedebouw, 1925-1933
Amsterdam en de IJsselmeerpolders, 1934-1942
Watersport en Waterstaat, 1940-1943
IJmeer en Gouwmeer: het ontstaan van een landschappelijke visie
Het Hoornse Hop 1942-1947
Het landschap
De Zuidwestelijke Polder
Dorpen en steden, 1940-1949
De randmeren, 1949-1962
Verkaveling en structuur, 1954-1961
Lelystad, 1949-1964


Deel I, Bouwkunst, stijl, stedebouw - Van Eesteren en de avant-garde

Deel II, Het Algemeen Uitbreidingsplan Amsterdam: geschiedenis en ontwerp